Richtkijkers

Richtkijkers

Als u op zoek gaat naar een geschikte richtkijker komt er veel op u af. U kunt afgaan op de expertise van een verkoper of een ervaren kennis, maar uiteindelijk zult u zelf een afgewogen keuze moeten maken. Hier dient u wel eerst kennis te hebben van de diverse eigenschappen die een richtkijker met zich meebrengt. Daarna kiest u voor de richtkijker die voor uw doel het meeste geschikt is. Er zijn verschillende doelen, hieronder beschrijven we de drie belangrijkste.



Richtkijker onderdelen


Hieronder vindt u een afbeelding van een richtkijker met een benoeming van de meeste belangrijke onderdelen.



Richtkijker Afstellen



Op het moment dat u uw richtkijker wilt gaan gebruiken, dient deze wel eerst afgesteld te worden. In veel gevallen kan dit door de wapenhandelaar worden gedaan waar u uw wapen koopt. Wilt u dit zelf doen, dan kan dit natuurlijk ook. Hiervoor kunt u deze simpele gids volgen.


Stap 1. Voorbereiding


Allereerst pakt u een A4 papier en tekent u hierop een verticale lijn van circa 15 cm. Vervolgens bevestigt u deze op de doelplaat (min 2 cm dik en 1x1 meter groot). Op ongeveer 10 meter van de doelplaat zet u een tafeltje en een kruk. Om uw wapen aan de voorzijde te ondersteunen kunt u een kussen of zandzak gebruiken.



Stap 2. Breedte instelling


Eerst gaan we de breedte instelling aanpassen, deze bevindt zich aan de rechterzijde van de richtkijker. Hiervoor gaat u maximaal inzoomen op het doel en stelt u scherp. Vervolgens zoomt u uit naar 4x vergroten en vuurt u een schot af op het midden van de verticale lijn. Hierna vuurt u nog twee schoten of om een goede indicatie van de afwijking te krijgen. Vervolgens bepaalt u de gemiddelde afwijking naar links of rechts ten opzichte van uw doel. Deze afwijking gaan we corrigeren met de breedte instelling. Afhankelijk van de richting die de afwijking heeft draait u de breedte instelling een aantal tikjes (bijvoorbeeld 5) naar links of rechts. Tot slot vuurt u weer drie schoten af en bepaalt u wederom de gemiddelde afwijking voor de laatste correctie tot de schoten de verticale lijn raken.



Stap 3. Hoogte instelling


Voor de hoogte instelling doet u eigenlijk precies hetzelfde, deze bevindt zich aan de bovenzijde van de richtkijker. U pakt een nieuw stuk A4 en tekent hierop een horizontale lijn van circa 15 cm. Ook deze bevestigt u op de doelplaat. Vervolgens vuurt u weer drie schoten af op de lijn om de gemiddelde hoogteafwijking te bepalen (boven of onder het midden). Afhankelijk van de richting die de afwijking heeft draait u de hoogte instelling een aantal tikjes (bijvoorbeeld 5) naar boven of onder. Tot slot vuurt u weer drie schoten af en bepaalt u wederom de gemiddelde afwijking voor de laatste correctie tot de schoten de horizontale lijn raken.


Rekening houden met andere factoren.


Bij het afstellen van uw richtkijker, dient u rekening te houden met de volgende factoren:


  • De kogelsnelheid (deze heeft invloed op de daling)
  • (Zij)wind. Dit is tot 100 yards (91.4m) geen enorm belangrijke factor. Wanneer u schiet met een lichtere kogel op 300 yards (274,3m) en er staat een wind van circa 8 km/h kan de baan behoorlijk afwijken.
  • Het gewicht van de gebruikte kogels heeft ook invloed, zeker op grotere afstand.
  • Schieten onder een bepaalde hoek heeft ook invloed.



*Zorg ervoor dat je onthoud hoeveel horizontale en verticale kliks je hebt aangebracht om de richtkijker af te stellen. Dan kun je altijd terug naar het “nulpunt”


Parallax


De parallax afwijking komt voor wanneer u uw oog voor het oculair van de richtkijker beweegt. Hierdoor verschuift het dradenkruis iets ten opzichte van het doel waar u naar kijkt. De oplossing hiervoor is simpel: U moet altijd precies recht door het oculair kijken. Helaas is dit makkelijker gezegd dan gedaan, het is nu eenmaal moeilijk om precies recht voor de richtkijker plaats te nemen.
Gelukkig zijn bepaalde richtkijkers zo ontworpen dat zij een speciale parallax afstelling hebben om dit vanaf een bepaalde afstand te corrigeren. Deze afstelling is vaak aan de linkerzijde van de richtkijker te vinden (het zogeheten sidewheel) of aan de voorkant van het objectief (adjustable objective).



Het verschil tussen MRAD en MOA.

Als u een richtkijker gaat aanschaffen, dan kunt u kiezen uit meerdere varianten. Zo heeft u de keuze uit een afstelling in MRAD of een afstelling in MOA. Door middel van een van deze afstellingen en uw dradenkruis bepaalt u in een aantal clicks hoeveel correctie er op de hoogte en breedte worden toegepast om het doel goed te raken. Wilt u weten hoe u een richtkijker afsteld, kijk dan in onze gids "Richtkijker Afstellen". Het is dus mogelijk om te werken met zowel een MRAD als een MOA afstelling, echter vragen beide typen een andere manier van rekenen. Hieronder worden twee verschillende soorten uiteengezet en een paar rekenvoorbeelden gegeven.

MRAD

MRAD staat voor milliradiaal (of MIL in het kort), gebaseerd op een radiaal (de eenheid voor een hoek). Een radiaal wordt gedefinieerd als de grootte van een middelpunthoek van een cirkel waarvan de lengte van de boog gelijk is aan de lengte van de straal. Dit type hoekmeting wordt gebruikt om de afstand tot het doelwit en de correctie voor de kogelinslag te berekenen. Bij het rekenen in MRAD wordt gepraat in MIL, hierbij staat 100 yards (91,4m) gelijk aan 1 MIL.

Rekenen in MRAD
100 yards (91,4 m) 1/10 MIL= 0.36" of 0.91 cm
100 yards (91,4 m) 1 MIL= 3.6" of 9,14 cm
200 yards (182,8 m) 1/10 MIL= 0.72" of 1.82 cm
200 yards (182,8 m) 1 MIL= 7.2" of 18,28 cm
300 yards (274,3 m) 1/10 MIL= 1.08" of 2,74 cm
300 yards (274,3 m) 1 MIL= 10.8" of 8,00 cm

MOA

MOA staat voor minutes-of-angle, gebaseerd op basis van graden en minuten. Er zit namelijk 360 graden in een cirkel en 60 minuten in een graad voor een totaal van 21.600 graden. Dit type hoekmeting wordt gebruikt om de afstand tot een doelwit en de correctie voor de kogelinslag te berekenen. Veelal worden er berekeningen gedaan met 1 MOA op 100 yards (91.4 meter), echter hoor je met 1.05 MOA op 100 yards te rekenen. Tot circa 100 yards kom je wel weg met de 1 op 100 vergelijking, maar wanneer je schoten over langere afstand gaat nemen zit je er al snel 5% naast en zul je eerder missen.

Rekenen in MOA
100 yards (91,4 m) 1/4 MOA = 0.26" of 0,66 cm
100 yards (91,4 m) 1 MOA = 1.05" of 2,67 cm
200 yards (182,8 m) 1/4 MOA = 2.1" of 1,33 cm
200 yards (182,8 m) 1 MOA = 2.1" of 5,33 cm
300 yards (274,3 m) 1/4 MOA = 0.79" of 2,00 cm
300 yards (274,3 m) 1 MOA = 3.15" of 8,00 cm

 

Verschillen

In principe zijn beide soorten even succesvol en het maakt eigenlijk niet uit voor welke je kiest, het gaat er vooral om hoe goed je het systeem kent. Het heeft er eigenlijk mee te maken hoe je zelf wilt rekenen of hoe jouw collega jagers en/of schutters dit doen. Het is namelijk eenvoudiger als je samen over hetzelfde kunt praten i.p.v. dat je iedere keer moet omrekenen. Een bekend feit is wel: Op het moment dat je bekend bent met MOA, is het eigenlijk weer niet aan te raden om te switchen naar MRAD.

Er zijn een paar verschillen tussen MRAD en MOA, maar onder aan de streep heeft de een geen groot voordeel ten opzichte van de ander. Je kunt wat dat betreft dus geen fout maken in je keuze tussen MOA en MRAD.

  • Een 1/4 MOA afstelling is iets makkelijker af te stellen
  • MRAD is iets eenvoudiger te communiceren met anderen
  • Als je denkt in yards/inches dan is het eenvoudiger om te rekenen met MOA. Reken je in meters/centimeters dan kun je beter kiezen voor MRAD
  • Als je vrienden hebt die al gekozen hebben voor een bepaald type, dan is het handig om hetzelfde systeem te kiezen.
  • 90% van de professionals gebruiken MRAD, maar dit komt ook omdat er meer keuze is in het MRAD systeem.
  • Wat je ook doet, kies voor gelijke turrets/dradenkruizen.

De meest voorkomende instelling is 1/4 MOA of 1/10 MIL. Technisch gezien zijn de 1/4 MOA clicks iets nauwkeuriger dan de 1/10 MIL. Ook zijn de MIL waardes weer iets eenvoudiger te communiceren. Daarnaast zijn de te gebruiken kaarten met MIL eenvoudiger af te lezen omdat deze met slechts 2 getallen worden aangegeven, terwijl de kaarten met MOA met 4 getallen worden aangegeven.

Kiezen?

Als je normaal denkt in meters of centimeters, dan is het eenvoudiger om afstand te berekenen met een MIL (MRAD) systeem. Denk je normaal in yards of inches, dan is MOA een handigere rekenpartner. Als je verder niet aan afstand berekenen gaat doen, dan zijn beide typen even effectief.
Om erachter te komen wat handig is, stel je jezelf deze belangrijke vragen:

  • Hoe communiceer ik mijn clicks met mijn mede jagers/schutters?
  • Welk systeem gebruiken mijn naasten?
  • Met welk systeem ben ik reeds bekend en wil ik gaan rekenen?

Verder kun je de onderstaande vragen ook nog in acht nemen:

  • Als ik moet zeggen hoe ver iets van mij verwijderd is, praat ik dan in meters of yards.
  • Als je moet aangeven hoe breed een doelwit is, praat je dan in centimeters of inches.
  • Staat je afstandmeters ingesteld op meters of yards?
  • Is je kaart in yards of meters.

 Normaal gesproken denk je in yards en inches als je Amerikaan bent, maar dat betekent niet dat je niet voor een MIL instelling kunt gaan. Bijvoorbeeld het leger gebruikt ook vaak het MIL systeem omdat zij ook praten in het metrische systeem.





Dradenkruis

Het draadkruis (dradenkruis of crosshair) bestaat in zijn traditionele vorm uit een kruis gevormd door een verticale en een horizontale lijn waarvan het snijpunt van de lijnen het middelpunt van het beeld vormt en is een hulpmiddel bij het mikken op het doel.
Dunne draadkruis lijnen zijn het meest geschikt om nauwkeurig te mikken op doelen welke zich duidelijk aftekenen van de omgeving. Deze dunne lijnen zijn echter moeilijk zichtbaar wanneer de achtergrond meer complex is samengesteld zoals bijvoorbeeld in het bos. Dikkere draadkruis lijnen zijn hiervoor meer geschikt, maar missen weer de precisie van de dunnere lijnen. Een variant die de voordelen van dunne en dikke lijnen combineert is het zogenaamde duplex draadkruis. Bij het duplex draadkruis zijn de lijnen perifeer dik en centraal dun. De dikke lijnen stellen de schutter in staat om met het oog snel het centrale punt van het draadkruis te vinden, terwijl de dunne elkaar kruisende lijnen in het centrum van het draadkruis garant staan voor accuraat richten.

Bij dradenkruizen onderscheiden we drie soorten dradenkruizen; klassieke dradenkruizen, verlichte dradenkruizen en de ballistic dradenkruizen.

Klassieke Dradenkruis

Het klassieke, niet verlichte dradenkruis is veelzijdig en nauwkeurig en bestaat uit een dunne horizontal en verticale lijn die in het midden samenkomen. Dit type dradenkruis komt het beste tot zijn recht wanneer de lichtomstandigheden goed zijn. Tijdens de schemer zal dit type dradenkruis minder goed functioneren, omdat deze dan mogelijk weg valt tegen de achtergrond of dichte bebossing.  Als u voornamelijk op klaarlichte dag of milde schemering jaagt komen deze klassieke dradenkruizen het beste tot zijn recht.

Verlichte Dradenkruis

Het verlichte dradenkruis kan het verschil voor u maken tijdens moeilijke omstandigheden. Zo maken ze het eenvoudiger om een doelwit tijdens dag of nacht goed in het vizier te krijgen. Wanneer het dradenkruis een extreem hoog intensiteitsniveau (extra bright)heeft, kan het betreffende dradenkruis ook overdag gebruikt worden. Wanneer het dradenkruis deze benaming niet heeft, is hij alleen geschikt voor de schemer en/of 's nachts. Voor de meeste verlichte dradenkruizen geldt het verlichte punt of kruis handmatig kan worden aangepast qua intensiteit. Hierdoor is de richtkijker aan te passen naar iedere situatie.

Ballistic Dradenkruis

Het ballistic dradenkruis is ideaal als u de richtkijker ook wilt gebruiken voor schoten op lange afstand. De richtpunten onder het centrum van het kruis helpen u bij het berekenen van de afstand waarop uw doel zich bevindt. Tevens kunt u deze richtpunten ook gebruiken voor schoten op grotere afstanden. Op deze manier kunt u eenvoudig de daling van de kogel compenseren.






Verfijnd zoeken